Een interview met Jolanda Roodenburg, oprichtster van Roodenburg Handmade.

Wie is Jolanda Roodenburg?
Ik ben in 1970 geboren in Kraggenburg in de Noordoostpolder. Toen ik een jaar was, verhuisden mijn ouders naar Curacao. Daar hadden mijn zus en ik een geweldig fijne jeugd. Het is toch heerlijk als je als kind de hele dag in een zomerjurkje buiten kunt lopen. In 1975 kwamen we terug naar Nederland om in Aalsmeer te gaan wonen. Sinds 1993 woon ik in Gorinchem met mijn man en samen hebben we drie schatten van kinderen.



Je hebt samen met je man een fietsenwinkel, maar van beroep ben je kostuumnaaister. Is de naaimachine naar de achtergrond verdreven?
Nee hoor. De liefde voor de naaimachine zit er voor altijd in. Toen we op Curacao woonden, maakte mijn moeder van mooie gebloemde stoffen altijd van die leuke jaren-70-jurken. Van de restjes stof probeerde ik dan ook altijd wat te maken. Toen ik zes was, kreeg ik een oude handnaaimachine waarop ik mijn eerste poppenkleertjes naaide. Dat ging zo goed dat ik al snel de naaimachine van mijn moeder mocht gebruiken. Zij leerde mij al heel vroeg mijn eigen kleren te maken.

Je hebt op het atelier van studio Joop van de Ende gewerkt.
Hoe ben je daar terecht gekomen?
Toen de studio zich in Aalsmeer vestigde, hoopte ik daar ooit te mogen werken. Voor de opleiding Mode en Kleding, die ik toen volgde, had ik een stageplaats nodig. Ik heb wel vier weken lang 'gezeurd' om in de tv-studio stage te mogen lopen. Uiteindelijk kreeg ik toestemming en ze waren zo tevreden dat ze me na mijn opleiding opbelden met de vraag of ik op hun atelier wilde komen werken. Daar zei ik natuurlijk geen nee tegen.

Wat maakte je daar zoal?
In die tijd waren er nog veel grote tv-shows zoals Wedden dat, de Honeymoonquiz, de Soundmixshow en de Miniplaybackshow. Daarvoor maakten wij de kleding voor de balletten en de mini-sterren.



Dan is de overgang naar een fietsenwinkel wel erg groot.
Dat is waar, maar er zaten nog wel twee andere activiteiten tussen. Toen ik in Gorinchem kwam wonen, ben ik gestopt bij Joop van de Ende. Ik werd door een kennis gevraagd om te komen werken voor de film 'Flodder 3'. Ze waren op zoek naar een kleedster die ook nog goed kostuums kon maken. Zodoende heb ik o.a. de trouwjurk van ma Flodder gemaakt. Erg
leuk om te doen. En later heb ik voor de film 'All Stars' ook nog wat kleding gemaakt.
Vervolgens ben ik met mijn zus een zaak in bedrijfskleding begonnen. Dat liep heel goed, maar toen we beiden nagenoeg tegelijkertijd een kind kregen, hebben we het bedrijf verkocht en pas daarna heb ik de overstap naar de fietsenzaak gemaakt.

Best wel lastig lijkt me.
Oh ja, ik moest best wel even wennen hoor. En met een gezin met drie jongens is het hard werken. Er bleef weinig tijd meer over om achter de naaimachine te zitten.

Hoe ben je op het idee gekomen om producten van drinkzakjes te maken?
We waren op vakantie en ik had voor de kinderen Capri-Sonne gekocht. Ik had in de Wereldwinkel wel eens tasjes gezien die gemaakt waren van afvalzakken. Toen ik zo'n plaatje op een Capri-Sonne pakje eens goed bekeek, vond ik het zonde om het weg te gooien. Ik ben op een avond wat pakjes aan elkaar gaan naaien en heb er een etui voor mijn zoontje van gemaakt. Daar kreeg ik heel veel leuke reacties op. Zo was het idee geboren om meer spullen te gaan ontwerpen. Vanaf dat moment mocht er natuurlijk geen enkel leeg pakje zomaar weggegooid worden.

Hoe kwam je vervolgens aan zoveel lege pakjes?
Een kennis van mij heeft een supermarkt. Hij bracht me in contact met Bickery Food die de marketing van Capri-Sonne doet. Samen met de plaatselijke VenD, de Hema en diverse scholen in Gorinchem zijn we toen een actie gestart om zoveel mogelijk lege zakjes in te zamelen. Dat werd een enorm succes. Nog steeds staan er op de scholen bakken waarin de kinderen hun lege zakjes deponeren. Ik haal elke week wel 1000 zakjes op. Die zouden anders allemaal op de vuilnisbelt beland zijn. Zie ik op straat of in de struiken een pakje liggen, ik raap het op. Ook mijn zoontjes vragen aan andere kinderen of ze hun lege pakjes mogen hebben.



En die moeten dan allemaal eerst schoon gemaakt worden.
Ja, maar dat doet mijn moeder. Die is daar per week wel anderhalve dag vrijwillig mee bezig. Geweldig hè!

Dat kun je wel zeggen ja. En van de opbrengst gaat een groot deel naar KIKA.
Waarom KIKA?
In het jaar dat ik hiermee begon, kreeg mijn moeder kanker. Dat was enorm schrikken. Gelukkig is het goed afgelopen. Een van de eerste dingen die mijn moeder toen zei, was dat ze blij was dat haar kleinkinderen deze gevreesde ziekte niet hadden. Dat had ze veel erger gevonden. Die uitspraak heeft me wel bezig gehouden. Ik ben toen op de site van KIKA gaan kijken en vond het fantastisch hoe zij zich inzetten voor het onderzoek naar kinderkanker. Want dat is heel hard nodig. Behandelingen zijn vaak nog niet op kinderen afgestemd en daardoor kunnen er veel goede cellen beschadigd worden met als gevolg blijvende klachten en mogelijke onvruchtbaarheid. Vanuit de overheid wordt er weinig geld beschikbaar gesteld en dus moet KIKA het hebben van donaties. Daarom wil ook ik graag mijn steentje bijdragen.

Daar zijn ze bij KIKA ook wel blij mee zeker?
De dames op kantoor zijn al fan van mijn spullen en hebben ook al diverse producten gekocht. Hun enthousiasme geeft mij weer energie om hiermee door te gaan.

Waar haal je eigenlijk de tijd vandaan om al die spullen te maken?
Je werkt toch ook mee in de winkel en hebt de zorg voor je gezin.
Allereerst door een moeder die mij geweldig helpt. En niet te vergeten mijn man en de kinderen die me enorm steunen. Maar ook alle positieve reacties van mensen en kinderen geven me erg veel energie. Ik word er elke keer weer blij van als men lege pakjes komt brengen. Dan denk ik: Lekker vanavond weer achter de naaimachine, dat doe ik liever dan tv kijken. Het nieuws volg ik wel op Radio 1 die de hele dag aan staat. En als ik een droevig verhaal hoor over een kind dat aan kanker lijdt, dan weet ik weer waarvoor ik dit allemaal doe.

Wat is je wens?
Ik hoop dat ik dit werk lang kan blijven doen, want ik zit nog vol ideeën en dat ik zo een mooie bijdrage mag leveren aan de genezing van kinderen met kanker.